Drs. Iris Creemers, Donderdag 16 Februari 2012

Why fight it – dialogue as means to understand the other (verslag van een workshop)

Op 11 februari verzorgde de Dialoog Academie in Delft een workshop ‘Socratische Dialoog’ tijdens een interreligieus jongerenweekend. Dit weekend werd georganiseerd door Islam en Dialoog en het International Student Chaplaincy. Aan de workshop deden voornamelijk internationale studenten mee die een master volgen in Nederland. Zo waren er deelnemers uit Mexico, Colombia, China en Kenia, maar ook enkele Nederlandse studenten met een Turkse achtergrond. De groep was zeker interreligieus, met katholieke, protestantse, islamitische en atheïstische deelnemers.


In de workshop zijn we begonnen met een korte introductie over de verschillen tussen dialoog en debat. Wat maakt een goede dialooghouding? Spreek je met de ander, of over de ander?

Met behulp van het adresboek in hun mobiele telefoon onderzochten de deelnemers hoe interreligieus of intercultureel ze werkelijk zijn. Hoe groot is het percentage van mensen met een andere religieuze of culturele achtergrond dan zijzelf in hun adresboek? En zijn dit studie- of werk-gerelateerde contacten, of beschouwen ze hen als vrienden die ze 's avonds of in het weekend kunnen bellen? Zouden ze hen om hulp durven vragen?

Het grootste deel van de workshop hebben we gebruikt om de socratische dialoog te verkennen. In deze oude filosofische methode probeer je om een morele vraag te beantwoorden middels het onderzoeken van een casus. Als moreel kader gebruikten wij de vraag waar de grenzen van de vrijheid van godsdienst liggen. We hebben deze nogal abstracte kwestie verder geconcretiseerd met het thema van religieuze kledingvoorschriften.
We bespraken de vraag in hoeverre kledingkeuze als het dragen van een hoofddoek, keppeltje of kruisje om de nek een persoonlijke keuze is, of dat dit door een veranderend straatbeeld tegelijkertijd een maatschappelijk statement kan zijn. Eerst hebben we besproken welke emoties de deelnemers zouden voelen als ze zelf beknot zouden worden in het dragen van religieuze symbolen of kleding, en hoe ze daarop zouden reageren. Hierbij kwamen ook onderliggende principes, waarden en visies aan bod.

Na hier uitgebreid bij stil gestaan te hebben, zijn we van gezichtspunt veranderd. We probeerden dezelfde vragen voor de andere partij in de discussie te beantwoorden: voor degenen die zich verzetten tegen ‘meer hoofddoeken op straat’, of ijveren voor een verbod op ‘zichtbare kruisjes in openbare functies’. Dit bleek makkelijker gezegd dan gedaan. Zoals een deelnemer verzuchtte: “Dat heb ik al zo vaak geprobeerd, maar ik snap ze echt niet.”
Door niet te snel op te geven lukte het uiteindelijk toch om iets meer inzicht te krijgen in de beweegredenen van ‘de ander’. Behulpzaam hierbij was een vergelijking die getrokken werd met Istanbul, een stad met evenveel inwoners als Nederland. Als daar in 20 jaar tijd 1 miljoen christenen zouden komen wonen, die overal kerken zouden gaan bouwen met hoge kerktorens en klokken die oproepen tot de mis, zou dat ook daar een ongemakkelijk gevoel geven. Op dezelfde manier zijn er ook in Nederland mensen die hun eigen omgeving niet meer herkennen. De deelnemers realiseerden zich dat zij nu nog niet kunnen zeggen hoe flexibel ze zelf over 30 jaar zullen zijn. Als er dan grote maatschappelijke veranderingen plaats zouden vinden, ten opzichte van de tijd waarin ze opgegroeid zijn, zouden zij zich daar dan moeiteloos aan aanpassen? Ze wisten het niet, maar het was dan ook een vraag die eigenlijk niet te beantwoorden is. Niemand weet hoe hij of zij ‘later’ zal denken of handelen.

Deze oefening gaf de deelnemers inzicht in beide standpunten. Ze realiseerden zich dat het kijken door de ogen van de ander hun oorspronkelijke oordeel verbreedde. Natuurlijk betekent dat niet dat ze zelf van mening veranderd (hoeven te) zijn, maar dat was ook niet het doel van de dialoog. Ook al verschil je na afloop nog steeds met elkaar van mening, als je meer begrip hebt voor de onderliggende principes en waarden waar de ander zijn of haar oordeel op baseert, ben je toch dichter bij elkaar gekomen.

Tijdens deze workshop werkten we volgens de vrij strikte regels en structuur van de Socratische Dialoog. Elementen uit de methode zijn echter ook in het dagelijkse leven toepasbaar, in studie, werk of privé-kring. Door je te verplaatsen in de gevoelens, acties en overtuigingen van beide zijden van een conflict kan je beter begrijpen waarom de ander denkt of handelt op de manier waarop hij of zij doet. Oók als je het na afloop nog steeds niet met elkaar eens bent.

Zelf een workshop Socratische Dialoog organiseren?
Neem contact op met Iris Creemers creemers@dialoogacademie.nl / 010-425 75 33


Dialoog Platform - Activiteiten - Verslagen - dialoog, Socratische Dialoog, Workshop
Delen op TwitterDelen op Facebook
Dialoog en ontmoeting;
onderzoek en reflectie,
ter bevordering van
"de kunst van het samenleven"